[drs.mos]e

archief 2005


7 augustus 2005

rolsokken

    Geen meesmuilende medepassagiers in trein en metro. Geen ginnegappende tegenliggers op straat. Geen collega's die stiekem in hun vuistje lachen. Want jij hebt de oplossing voor het probleem waar veel mannen mee worstelen. Het probleem dat jarenlang in de taboesfeer verkeerde, vooral omdat mannen er niet over wilden praten.
    Het dragen van twee verschillende sokken.
    Over de oorzaak van het probleem is wel wat bekend. Rondslingerende sokken in te grote klerenkasten. Slecht verlichte slaapkamers. Slaap in de ogen. Huisvrouwen die nog wel de was doen, maar uit emancipatoire overwegingen de sokken niet meer sorteren.
Mannen mogen blij zijn dat we überhaupt de was nog doen, zo hoor je steeds vaker.
    We leven in andere tijden.
    Dus zoek je zelf de voetenwarmers bij elkaar, om ze op te bergen als rolsokken. Het rollen van sokken is een wissewasje, maar voor de beginner bepaald geen sinecure. Vreemd genoeg is er geen handleiding voor te vinden. Zelfs niet in de tweeëndertigdelige Encyclopædia Britannica van de plaatselijke bibliotheek. En deskundigen op sokgebied, zoals houders van manufacturenzaken, zijn reeds jarenlang uitgestorven.
    Rolsokken.
    Je legt de twee bij elkaar horende sokken plat op elkaar. Vervolgens pak je ze beet bij het neuseinde en begint te rollen. Als je ongeveer halverwege bent, moet je even stoppen. Je tilt dan de bovenliggende sok bij het uiteinde op en vouwt hem dubbel tegen het rolletje dat je tot op dat moment hebt gevormd.
    Nu kun je doorgaan met rollen.
    Aangekomen bij het einde van de onderliggende sok volgt een dubbelhandeling. Je moet met je vingers het uiteinde van de ondersok binnendringen en deze binnenstebuiten keren, maar ook - en dat is een heel gedoetje - gelijktijdig het rolletje met je duimen naar binnen duwen.
    Rolsokken.
    Je leerde het van je moeder, die het weer doorkreeg van je oma. Je bent blij met dit wetenswaardigheidje. En met alle andere weetjes die je erfde. Hoe je een onderbroek opvouwt bijvoorbeeld. Want er zijn huisvrouwen die nog wel de was doen, maar uit emancipatoire overwegingen de onderbroeken niet meer opvouwen.