[drs.mos]e

archief 2006


12 november 2006

maandag

    Maandagavonden in een verre stad zijn maar saai en troosteloos. Dinsdagavonden hebben ook wel iets naargeestigs, en zelfs de woensdagavonden weten niet altijd te ontsnappen aan treurnis, maar maandagavonden vormen de weemoed zelve.
    Maandagoverdagen zijn ook niet leuk trouwens. Winkels blijven lang gesloten of openen hun deuren helemaal niet, en restaurants en eethuisjes laten het vaak afweten.
    Op maandag gesloten.
    Het lijkt wel of de stad de hele maandag lang moet uitrusten van de losbandige zaterdag en de uitgelaten zondag.
    Maandagavonden in hotels zijn het allerergst. Je kunt wel in de lobby proberen een praatje aan te knopen met een van de andere gasten, maar maandaggasten zijn in zichzelf gekeerd. Zij kijken niet op uit hun krant. Ja, misschien voor een korte groet, maar dan laten zij snel het hoofd weer hangen. Het is maandag, lijken zij te denken. Wij zijn gesloten.

    Was zij maar bij me, denk ik als de maandag op het punt staat nooit meer wakker te worden. Want zij is geen maandagskind, en ook niet van de zondag. Zij is een vrouw van alle dagen.