Ik wil mij natuurlijk nergens tegenaan bemoeien, want de beste stuurlui staan anders weer eens aan wal, maar ik geloof dat spreekwoorden vastgelegde vooroordelen zijn.
Dat dus de appel niet ver van de boom valt, leerde ik op de lagere school. Dat heeft iets te maken met afkomst. Dat ik op mijn vader lijk, of op mijn moeder. Nou lijk ik daar wel op, maar ook weer niet, dus je zou ook kunnen zeggen dat de appel wel eens van de boom wegrolt, maar daar is volgens mij geen spreekwoord voor.
Dat men de put dempt als het kalf verdronken is, klopt ook wel, maar ik ken toch heel wat mensen met een vooruitziende blik. Die hoeven dus geen putten te dempen, laat staan berouw te hebben na de zonde.
Zo zijn er nog wel duizend voorbeelden van wijsheden die eigenlijk helemaal geen wijsheden zijn, maar domheden overgoten met een taalsausje, en dus moet bijvoorbeeld een politicus goed uitkijken met dingen zeggen als, ik ben recht door zee, regels zijn regels, gelijke monniken, gelijke kappen, en zachte heelmeesters maken stinkende wonden.
Wie de schoen past, trekke hem aan, zou ik nu kunnen schrijven, maar ik wil niet in mijn eigen woorden verstrikt raken, en dus zeg ik nu dat ik met dit stukje mijn pijlen richt op Rita Verdonk, die zich daar overigens wel niets van zal aantrekken. Hoge bomen vangen immers veel wind.
Dat klopt, in dit geval dan, maar waar Ayaan fier overeind bleef in de storm die haar deze week trof, zie ik Rita Verdonk steunen, kreunen en met de wind meebuigen. Dat is een kwestie van wel of geen ruggengraat hebben.
Tja, en nu maar hopen dat Verdonk snel inziet dat gedane zaken soms toch een keer nemen.
|
|
|
|